’t Is vrijdag, en zoals iedere vrijdag is het markt. Vrijdagsmarkt. In Leuven.
Goedgezind als iedere vrijdag stap ik richting markt. Meerbepaald; richting snoepkraam. Zo’n snoepkraam met een oude snoepmadam die in puntsnoepzakskes nog goede oude spekken en karamellen verkoopt. Naast smurfen en aardbeien en andere brol.
Dat snoepmadammetje heeft lekkere snoepen. En dan meerbepaald ‘violettes Gicopa’. Rode rechthoeken met citroenzuur errond. En erin. Smoeletrekkers dan, maar minder zuur. En juist daarom minder goed.
Daarom dat ik iedere vrijdag opnieuw met lichtelijk schuldgevoel ‘tedju, ik wil er èchte!!!!’ zit te denken. En geen fakers. En de èchte, dat zijn zo van die rode bollen met een wit poederlaagje en zuur langs buiten. Zo van die smoeletrekkers waarvan je er maar drie na elkaar in je mond kan steken voor je het niet meer kan houden van het zuur. En een voorraad speeksel aanmaakt om de volgende zuurbol in te laten weken, zodat het zuur er af gaat. En als het ècht goede zijn, beginnen je ogen te tranen en je neus te lopen. Dan blijf je er in een njam!-zuurbollen!-bui van eten tot je tanden pijn doen en je smaakpapillen de komende week niet meer naar behoren functioneren. Omdat ze eraf gezuurd zijn, natuurlijk. En dan kan je niet meer drinken want dat doet zeer en niet meer eten want dat doet zeer, en aargh ze zijn zo lekker!
Ik wil terug zulke zuurbollen. Dood aan de fake-zuurbollen.
Maar ik vind ze nergens meer…
Advertenties