Soms moet ik serieus mijn best doen om de neiging een facebookgroep op te richten de kop in te drukken.
Waar ik vandaag aan dacht:
- “Semantisch gezien klopt ‘en de boom staat op de bergen’ niet”.
- “Ik zong: bieke bieke biek, hop hop hop en niet bikke bikke bik, hap hap hap’.”
- “Ik ken de tekst en melodie van alle Vlaamse kinderliedjes”
- “Ik kan grote delen van Pluk en de Petteflet opzeggen. By heart”
- “Ik wil Kathy’s zuurbollen (attraps) terug in de winkels.”
En u?
Moet me meestal erg inhouden me niet al te erg te ergeren aan weer een nieuwe FB-groep over iets pietluttigs. Maar zo moeten we ‘ze’ in de war brengen zeker, door allerlei interesses en activiteiten aan te stippen? (‘ze’ = zij die munt willen slaan uit onze FB-activiteit)
Kanshebbers op zo’n momenten zijn:
- “Als je een Feisboekhroep stard, zorh er tan foor tad er heen schreiffauten in de tietel staan.”
- “Ik wil mijn eigen vuurtoren!”
- “Vaststellen dat je een stevige blauwe plek hebt, maar in de verste verte niet meer weten hoe je die opliep.”
Bij de weg, ik zong altijd: bikke bikke bik, hop hop hop.
schrijf je nog?